Los van het materiaal waarnaar historisch onderzoeker Frans Kluiters in zijn bronvermeldingen verwees, is er in andere bronnen veel informatie te vinden over het opleidingsprogramma en de spionageschool A-Schule West, die zich in en naast park Zorgvliet in Den Haag bevond.
Documenten van de Britse geheime diensten
Met name op de website van het Britse archief The National Archives zijn veel gedigitaliseerde dossiers van de Britse geheime diensten online te vinden en te downloaden. Zo zijn er op deze website honderden verhoordossiers van opgepakte spionnen en Duitse inlichtingenofficieren te vinden. Hieronder bevinden zich tientallen Personal Files van leerlingen en andere sleutelfiguren van de spionageschool A-Schule West.
Naarmate ik meer van deze dossiers ontdekte, bleek het bestuderen en handmatig overtypen van de relevante, minder relevante en mogelijk relevante tekstfragmenten in Word-bestanden zeer veel tijd te kosten. Tijdens een langdurige revalidatie na een gecompliceerde knie- en beenbreuk had ik die tijd gelukkig wel. Ook de daaropvolgende periode waarin veel mensen tijdens de coronapandemie verplicht thuis moesten blijven, hielp daarbij. Voor mij was er een zee van tijd voor het overtypen van deze teksten, wat noodzakelijk was om alle informatie over de school, het opleidingsprogramma, de betrokkenen en de uitzending van de opgeleide agenten daarna logisch te kunnen ordenen.
Het is fascinerend om te beseffen dat al deze bewaard gebleven informatie tegenwoordig vrij eenvoudig te vinden is, terwijl de Britse inlichtingendiensten diezelfde informatie destijds moeizaam moesten verzamelen. Die kwam pas stap na stap beschikbaar, na de arrestatie en verhoren van de eerste op de spionageschool in Den Haag opgeleide geheimagenten. Met elke nieuwe ‘Zorgvliet-agent’ die werd opgepakt, kwamen de school en het opleidingsprogramma beter in beeld.
De eerste gevangengenomen agent van A-Schule West
De eerste agent werd op 22 januari 1944 in Italië gevangengenomen nadat hij de frontlijn had doorkruist om een spionagemissie uit te voeren. Uit de eerste verhoren door inlichtingenofficieren van de Field Security Sections bleek dat hij een Italiaan was die een sabotageopleiding had gevolgd bij de Sicherheitsdienst in Den Haag. Zowel MI5 (contraspionage) als MI6 (spionage) waren geïnteresseerd in deze tot dan toe nog onbekende activiteiten van de Sicherheitsdienst. Voorheen hield alleen de Duitse militaire inlichtingendienst, de Abwehr, zich bezig met training en inzet van agenten voor sabotageacties.
De oorlog was op dat moment in volle gang en de Britse autoriteiten moesten zo snel mogelijk duidelijkheid krijgen over de omvang en aard van elke dreiging. Daarom werd de Italiaanse agent een maand later naar het Verenigd Koninkrijk overgebracht, waar hij in een speciaal ondervragingscentrum van MI5 in Londen werd verhoord, zodat de Britten meer inzicht konden krijgen in de opleiding aan de school in Den Haag. Er moest worden achterhaald welke sabotagemethoden daar aan vijandelijke agenten werden aangeleerd voor gebruik tijdens hun inzet. Bovendien moest duidelijk worden welke leidende rol de Sicherheitsdienst als tot dan toe relatief minder prominente inlichtingendienst hierin precies speelde.
Geheim ondervragingscentrum Camp 020
Het ondervragingscentrum, dat bekend stond onder de naam Camp 020, werd in de zomer van 1940 ingericht in Latchmere House, een groot landhuis met bijbehorende gronden in een buitenwijk van West-Londen. In het boek Camp 020: MI5 and the Nazi Spies (Hoare, ed., 2001) worden de geschiedenis van het ondervragingskamp en een aantal van de meest bijzondere gevangenen die hier verbleven uitgebreid beschreven. Het kamp was speciaal bedoeld voor het vasthouden en ondervragen van Britse staatsgevaarlijke onderdanen en vijandelijke agenten die niet konden worden geclassificeerd als krijgsgevangenen. Camp 020 was geen krijgsgevangenenkamp, waardoor de behandeling van gevangenen niet onder de Conventie van Genève viel. Ook was het bestaan ervan niet gemeld aan het Rode Kruis, om inspecties en andere bemoeienis van deze humanitaire organisatie te voorkomen.
Bij de selectie van het ondervragingspersoneel werd vooral gekeken naar leeftijd en levenservaring. De meesten hadden veel van de wereld gezien en spraken meerdere talen, waardoor verhoren konden worden afgenomen in het Duits, Frans, Italiaans, Nederlands en Noors. Commandant van Camp 020 was luitenant-kolonel Stevens, die vanwege het dragen van een monocle bekendstond als ‘Tin Eye’. Door zijn autoritaire houding en uitgesproken afkeer van personen die voor de vijand hadden gewerkt, genoot hij onder gevangenen een angstaanjagende reputatie. Het belangrijkste doel van luitenant-kolonel Stephens en zijn staf was het vaststellen van de schuld van de in Camp 020 vastgehouden gevangenen en daarnaast het verzamelen van zoveel mogelijk waardevolle informatie over de bedoelingen van de vijand. In het geval van de in Italië gearresteerde agent en andere later in Camp 020 voor ondervraging ondergebrachte agenten die opgeleid waren op de spionageschool in Den Haag, lag de nadruk op het verkrijgen van informatie over hun opleiding, inzet en het nog onbekende Duitse sabotageprogramma.
Gestapo en Britse ondervragers: overeenkomsten en verschillen
Op basis van mijn onderzoek zijn zowel overeenkomsten als verschillen vast te stellen tussen de verhoormethoden en het doel daarvan die de Britten in Camp 020 toepasten en de methoden van de Gestapo zoals die na de oorlog door Schreieder zijn beschreven. Ook zijn doel was om uit verhoren van gevangengenomen agenten uit het Englandspiel zoveel mogelijk informatie te verkrijgen over hun training en missies. Deze informatie werd binnen het onderdeel van de Sicherheitsdienst dat zich bezighield met buitenlandse inlichtingen, Amt VI, gebruikt voor de ontwikkeling van een eigen opleidingsprogramma voor spionage en sabotage, precies het programma waarover de Britten van hun kant weer zoveel mogelijk gegevens over wilden verzamelen.
Net als Gestapo-leider Schreieder coördineerde de commandant van het Britse verhoorkamp de ondervragingsteams en nam hij zelf ook actief deel aan verhoren. Hij en veel van zijn stafleden waren inlichtingenofficieren afkomstig uit MI5 en behoorden tot het zogeheten ‘old boys network’. Als leden van de hogere klassen hadden zij kostscholen bezocht die gericht waren op de vorming van toekomstige officieren en bestuurders van het Britse Rijk. Van jongs af aan waren zij doordrongen van het idee van de grootsheid van het Britse Imperium en van hun plicht om dit rijk te dienen en bijeen te houden. Vanuit ideeën over blanke en christelijke superioriteit geloofden zij in de invloed van Groot-Brittannië en zijn koloniën op de beschaving. De Duitse verhoorders van de Gestapo waren daarentegen vaak academisch geschoolde juristen, criminologen en uiterst ervaren politierechercheurs. Velen van hen waren in meer of mindere mate overtuigd nationaalsocialisten, die geloofden in de superioriteit van het Duitse volk en in de eindoverwinning van het Groot-Duitse Rijk.
Britse verhoormethoden
Na aankomst in Camp 020 werd de gevangene onderworpen aan een vaste procedure. Tijdens een eerste verhoor moest hij gaan staan voor een aantal ondervragers achter een tafel, in een opstelling die deed denken aan een tribunaal van een militaire rechtbank. De Italiaanse agent bevond zich in Camp 020 op Britse bodem en zou als vijandelijk element onder gezag van het Britse Koninkrijk worden behandeld. Nadat hem duidelijk gemaakt was in welke benarde situatie hij zich bevond, verklaarde hij bereid te zijn alle informatie te geven waarover hij beschikte.
Wanneer een gevangene ook maar overwoog nog in de positie te zijn om tijdens vervolgverhoren informatie achter te houden of foutieve informatie te geven, dan was hij nog stééds in Duitse dienst. De gevangene moest inzien dat dergelijk gedrag volgens de regels van de Britse autoriteiten de ernstigste gevolgen kon hebben. Er restte weinig anders dan alles naar waarheid te vertellen. Deden zij dat niet, of wanneer de ondervragers via andere kanalen afwijkende informatie vernamen, dan zwaaide er wat.
De meest effectieve verhoortechniek die de Britten gebruikten, was het dreigen met executie. Wanneer een gevangene op grond van de Britse Treachery Act 1940 wegens spionage werd veroordeeld, kon de straf de doodstraf zijn. Van de honderden vijandelijke elementen die Camp 020 hadden gepasseerd en daarna werden berecht en veroordeeld, werden er uiteindelijk veertien daadwerkelijk als spion geëxecuteerd. Van de op de spionageschool in Den Haag opgeleide agenten die na arrestatie in Camp 020 terecht kwamen, heb ik in andere archieven, met name die in Nederland, het verdere lot van deze agenten kunnen achterhalen.
Martelpraktijken?
In het Britse Nationaal Archief zijn ook dossiers te vinden van Zorgvliet- agenten die na arrestatie niet in Camp 020 terechtkwamen. Met name de agenten die in het Midden-Oosten werden opgepakt, kwamen daar terecht in lokale verhoorcentra. Ondervragingen door geallieerde inlichtingenofficieren konden in die centra kennelijk wel eens ‘chaotisch verlopen, voordat nieuwe overeenstemming werd bereikt’.
Of er in Camp 020 martelpraktijken plaatsvonden, is nooit bewezen. Volgens kampcommandant Stevens gold als eerste en onbreekbare regel dat fysiek geweld onder geen beding mocht worden gebruikt. Deze geweldloze aanpak kwam niet voort uit een gevoel van medemenselijkheid. Stevens legde uit dat er een puur functionele reden was om af te zien van ruw optreden:
‘Violence is taboo, for not only does it produce answers to please, but it lowers the standard of information.’
Marteling leverde weinig waardevolle informatie op. Gestapo-leider Schreieder liet zich na de oorlog in soortgelijke bewoordingen uit over zijn eigen verhoormethodes. Zowel Schreieder als Stevens waren bovendien van mening dat wrede verhoortactieken weinig effectief waren wanneer men een agent wilde bewegen tot samenwerking.
De eerste verhoorrapporten
De Italiaanse agent in Camp 020 werkte, naar het leek, probleemloos mee en werd gedurende enkele weken intensief ondervraagd. Verhoorrapporten met belangrijke informatie werden regelmatig doorgestuurd naar de bureaus van relevante secties van de militaire inlichtingendiensten in Londen. Daar werd de informatie vaak aangevuld met informatie uit andere bronnen en geanalyseerd. Op basis hiervan werden soms vervolgvragen teruggestuurd of volgden terugkoppelingen met aanvullende informatie die op geheimzinnige wijze door MI6 was verkregen. In het boek over de spionageschool beschrijf ik welke andere bronnen dit waren en hoe die werden gebruikt tijdens de verhoren van in Camp 020 verblijvende Zorgvliet-agenten en de latere opsporing van andere agenten en bij de school betrokken personen.